
Ahsan Mahmud
De auteur reageert op David Suurlands stelling dat jihadisme wezenlijk onderdeel zou zijn van de islam en hekelt diens selectieve, historiserende lezing van islamitische bronnen. Hij betoogt dat jihad primair “streven” betekent en in de Koran vooral verwijst naar morele inspanning en defensieve zelfbescherming. Extremistische interpretaties komen volgens hem voort uit politieke contexten, niet uit de kernleer van de islam. Daarbij benadrukt hij dat ook andere religies geweldgeschiedenis kennen zonder dat hun heilige teksten inherent gewelddadig worden genoemd. De islam erkent religieuze diversiteit, stelt vrede voorop en legitimeert geweld alleen in laatste instantie ter verdediging tegen onderdrukking.